Doordat er wat stroperig werd vergaderd kon de strategische opgave Ons Enschede pas deze week, op maandag 5 november jl. behandeld worden. Wel wat vervelend, want doordoor moest een ander bespreekstuk doorgeschoven worden naar een volgende agenda. Ons Enschede behandeld veel over onze sociale samenleving en alles wat daarbij komt kijken. Wonen, welzijn, zorg, onderwijs, jeugdzorg maar ook de geestelijke gezondheidszorg. Ook buurt- en burgerinitiatieven worden heel belangrijk de komende jaren. Er viel dus veel te bestuderen en te bespreken. Een onderwerp dat ik erg belangrijk vind heb ik voorgelegd aan wethouder Helder. Wij besteden al een aantal jaren veel aandacht aan de opvang van heel jonge kinderen, zowel op de peuterspeelzalen als bij de voor-en vroegschoolse opvang. Kinderen met ouders uit anderstalige landen moeten zich zo jong mogelijk het Nederlands eigen maken willen ze in ons land vooruit komen. Daarom zal er nog meer aandacht besteed worden om deze jonge kinderen een opvang te bieden. Momenteel praten we over 60% van deze nog geen 4-jarigen die aan het programma deelnemen, we willen echter naar 90%. Ik heb aan de wethouder van onderwijs voorgelegd dat het CDA het een speerpunt vindt dat daarbij de moeder, als direct betrokkene bij het jonge kind, mee moet naar de opvang. Dan kunnen ze samen praten over wat ze samen geleerd hebben. Anders komt de taalontwikkeling nog niet in het gezin terecht en zal het kind ondanks alle goede bedoelingen, haar ouders taal nog lang thuis spreken. Ik hoop dat de wethouder zich in wil spannen om dit te realiseren. Dit zal afgestemd moeten worden met de schoolbesturen. Bij velen staat gelukkig een goede ontwikkeling van het jonge kind voorop. Jong geleerd, oud gedaan! |