Afgelopen maandagavond was het dan zover: de vaststelling van de kaders m.b.t. het Beleidsplan Maatschappelijke Ondersteuning 2008-2011. "Het beleidsplan is een lange weg gegaan" heb ik die avond gezegd. Er zijn heel veel woorden gevallen voor alle woordvoerders tevreden waren over dit beleidsplan. Toch is het goed geweest dat we als woordvoerders politiek-breed ons er zo voor ingespannen hebben. Er ligt nu een beleidsplan Enschede waardig, en zo hoort het. Goede plannen, duidelijk gestelde doelen en heldere visie. Een stuk waarop we nu verder kunnen en moeten bouwen. Het is nog lang niet compleet: problematiek rond dak- en thuislozen moet nog uitonderhandeld worden, evenals de verslavingsproblematiek en de Openbare Geestelijke Gezondheids Zorg. Onderwerpen waarbij Enschede centrumgemeente is en er voor de Twentse gemeenten een gezamenlijk gedragen beleid moet worden geschreven. Als het goed is zal er de komende jaren nog veelvuldig over geschreven en gesproken worden. Want de WMO-ontwikkelingen blijven niet stilstaan.
Toch moet ik nog even mijn hart luchten. Wanneer de WMO op de raadsagenda staat, komt er altijd iets tussen. We moeten dan als woordvoerders niet te veel tijd nemen en de wethouder heeft niet voldoende tijd meer om te antwoorden. Kortom, tijd voor een discussie is er amper. In de Stedelijke Commissie hetzelfde verhaal. Waardoor dat komt kan ik niet helemaal overzien, maar goed is het niet. Het is nu eenmaal een complex onderwerp dat veel verder grijpt dan alleen maar Zorg en Welzijn. Maar het heeft bij lange na niet die aandacht die het onderwerp wel degelijk verdient!
Met een motie heb ik maandagavond aandacht gevraagd voor de problematiek van de scootmobiel. De gemeente zal een onderzoek starten naar de ervaringen van scootmobielgebruikers inzake het verstrekken van scootmobiels, de verkeersveiligheid, de verkeersvoorzieningen en bediening en gebruik. Ik heb dit met name gevraagd omdat scootmobielgebruikers kwetsbaar zijn in het drukke verkeer en amper rijvaardigheidslessen krijgen bij de aanschaf. Die moet men opdoen in de praktijk en dat lijkt mij geen goede zaak. Ik zal u de komende tijd uitvoerig op de hoogte houden!
|