Homepage
 Weblog Margriet Visser

maandag 8 februari 2010


Het zal je maar gebeuren deel 4


Hierbij dan het laatste verhaal van Karin, waarbij ik tot een grote ontdekking kwam. Hebben we in Enschede daadwerkelijk maar 1 invalidentoilet? Dit ga ik uitzoeken.
Ik hoop dat alle lezers van mijn weblog een beetje meer begrijpen wat het is om gehandicapt te zijn. Ik heb voor Karin diepe bewondering zoals zij met alles omgaat en nog positief is en blijft.


Het zal je maar gebeuren….slot


Waar loop je nou zoal tegenaan als je zo gehandicapt raakt als mij zo plotseling is overkomen? Laat me allereerst zeggen dat je vooral de moed niet moet laten zakken en zeker niet tegen jan-en-alleman moet roepen hoe zielig je bent, want daar schiet je al helemaal niets mee op. Een positieve levenshouding is, naast de nodige professionele medische en paramedische hulp en vooral ook de steun van degenen die je lief zijn, het allerbelangrijkste om je rug recht te houden, hoe moeilijk dat soms ook is.
Maar grote tegenvallers zijn er wel degelijk! Wat te denken van het feit dat je na een jaar je baan, waar je met hart en ziel aan verknocht was, verliest en je salaris, voortaan uitkering, ziet teruggaan tot 85 procent? Aanvankelijk was dat zelfs 70 procent, maar na een bezwaarschrift te hebben ingediend op grond van mijn zware handicap, kwam het UWV -de uitkeringsinstantie- daarop terug en besloot alsnog tot die 85 procent. Op zich is die teruggang al erg genoeg, omdat het leven juist duurder is geworden, maar dat je pensioenopbouw stokt en op dat lagere niveau blijft gebaseerd, is op termijn natuurlijk nog veel ingrijpender. Ook is het knap vervelend dat je vakantie-uitkering blijvend op die 70 procent wordt gebaseerd terwijl ik intussen heb gemerkt dat vakanties met mijn handicap juist een stuk duurder zijn dan voor valide mensen!
Ook is me wel duidelijk geworden uit de maandelijkse rekeningen dat gedwongen thuis zijn het nodige extra geld kost. Als je van 8 tot 5 buiten de deur aan het werk bent, staat niet bij jou thuis de hele dag de radio of tv aan, branden niet voortdurend de nodige lampen, en zit je op kosten van de baas achter de computer en niet die van jezelf, en ga zo maar door. Dat scheelt toch tientjes per maand, die ik heel goed voor andere noodzakelijke dingen kan gebruiken! Ook moet ik voor de dagelijkse verpleging en verzorging en de ingehuurde huishoudelijke hulp een forse eigen bijdrage betalen van een paar honderd euro per maand en dat hakt er behoorlijk in! Verder moet ik voor vakanties in parken met aangepaste huisjes voor de ingehuurde (para-)medische hulp en verzorging en gebruikte materialen het nodige extra betalen. Als mijn ouders me niet zo nu en dan wat zouden toestoppen of een rekening voor me zouden betalen, was mijn faillissement al gauw in zicht.
Dan ga ik er natuurlijk geregeld op uit om in het naburige winkelcentrum de inkopen voor mijn natje en droogje te doen, een cadeautje te kopen voor een jarig kind, en dat te doen wat ieder ander in winkels doet. Bij de grote supermarkten gaat het redelijk goed met mijn rolstoel, maar in winkels als Blokker en Kruidvat gaat het regelmatig mis. Daar staan de rekken zo dicht bij en tegen elkaar dat ik maar weinig manoeuvreerruimte overhoud en geregeld een hoog opgetaste stapel artikelen omverrijd. Dat leidt de eerste keer nog wel tot enige hilariteit, maar als een winkeljuffrouw dat voor de derde keer in een week overkomt en weer aan het opruimen moet, wordt ze daar toch niet echt vrolijk van. Erger is dat bij het verlaten van de winkels vrijwel altijd het alarm afgaat en dan zie je de mensen denken: ‘daar heb je weer zo’n gehandicapte op het dievenpad’ J!! Het allerergste is eigenlijk nog dat je bij een hogere opstelling van artikelen niets zelf kunt pakken, nergens goed bij kunt om het wat beter te kunnen bekijken en ga zo maar door. Dan kom je bij de kassa om af te rekenen en kun je niet bij het pinapparaat of je kunt je pasje niet zonder hulp door het gleufje krijgen. Dan voel je je pas echt onthand, al moet ik zeggen dat het personeel altijd heel behulpzaam is, zeker als ze je eenmaal wat beter hebben leren kennen, wat overigens ook voor heel veel klanten geldt.
Op weg naar de winkels heb je trouwens ook al de nodige hindernissen en obstakels moeten overwinnen: te hoge stoepen, schots en scheefstaande stoeptegels als gevolg van naar boven gekomen boomwortels, achteloos op de stoepen achtergelaten overbodig huisraad, slordig gestalde fietsen, vuilniszakken en meer ongeregelds dat de doorgang belemmert!
Dan maak je als rolstoeler ook het nodige mee als je met vrienden en vriendinnen in de binnenstad naar je oude, vertrouwde stamkroegen gaat. Juist in de binnenstad met haar vele oudere panden zijn de stoepen bij de ingang aan de (zeer)hoge kant, waardoor je er nauwelijks naar binnen kunt. De meeste hebben dan wel een hellingbaantje, maar die moet dan vaak eerst weer binnen worden gezocht en blijkt dan tot overmaat van ramp nogal eens aan de korte kant, waardoor hij veel te steil is en je zonder hulp echt niet binnenkomt. Eenmaal binnen is het meestal ook geen feest, zeker niet op drukke momenten in het weekend, want dan staan de stoelen en tafels zo dicht op elkaar dat het halve café eerst moet worden verbouwd voordat ik ook een plaatsje heb bemachtigd! Dan blijkt op enig moment dat mijn katheterzak (kunstig verstopt in een tas achter mijn rugleuning) nodig moet worden geleegd, maar bijna alle wc-deuren zijn te smal om er met je rolstoel naar binnen te kunnen. Het klinkt achterlijk, maar dan moet ik met een vriendin buiten op zoek naar een boom waartegen zij dan mijn zak kan legen en ik weer een paar uurtjes voort kan. Inmiddels ben ik er via een van mijn verpleegsters achtergekomen dat er achter de ‘Oude Geus’ een invalidentoilet is waar de zak kan worden geleegd. Dan moet je eerst in het café de sleutel gaan halen, waardoor het iedere keer weer een heel gedoe is. Voor zover ik weet is er in de hele binnenstad welgeteld 1 invalidentoilet! Al met al heb je intussen de aandacht van alle gasten op je gevestigd, wat ook weer niet de bedoeling is van een rustig avondje uit!
Als je met vrienden een avondje naar de bioscoop gaat, zit je meestal moederziel alleen op de plek die voor rolstoelers is gereserveerd en waar voor anderen geen stoelen zijn te bekennen. Niet leuk!
Gaan we, meestal met de familie, samen uit eten, dan is het probleem steevast dat de tafels te laag zijn om er met mijn rolstoel onder te kunnen. Gelukkig is het personeel altijd heel bereidwillig en komt met bierviltjes en andere spulletjes om de tafelpoten tot de gewenste hoogte op te krikken. Ook moet ik dan niet vergeten aangepast bestek mee te nemen, omdat ik met de gewone messen, vorken en lepels onvoldoende grip heb. In Het Roessingh hebben ze destijds met rolletjes schuimplastic mijn bestek voorzien van een steviger grip waardoor ik dat makkelijker kan hanteren.
Tenslotte wil ik het nog even hebben over het taxivervoer. Meestal gaat dat goed, maar er zijn momenten geweest dat ik heel lang heb moeten wachten. Toen mijn ouders hun 40-jarig huwelijksfeest vierden in de Broeierd, kon ik de rolstoeltaxi niet uit, omdat de vergrendeling van de stoel aan de vloer muurvast zat. Samen met een te hulp gesnelde zwager lukte het de chauffeur uiteindelijk en kon ik ook aan het feest deelnemen. Toen ik na afloop de regiotaxi bestelde, moest ik anderhalf uur wachten, omdat de chauffeur een verkeerd huisnummer had doorgekregen en pas in tweede instantie met veel vertraging bij de feestlocatie verscheen. Ook heb ik een tijdje geleden, na een afspraak in het Oldenzaalse ziekenhuis om 16.00 uur, tot 19.30 uur moeten wachten op een ambulance terug naar huis omdat er door de gladheid wat ongelukken waren gebeurd waardoor mijn urgentie wat minder hoog werd. Ik moet wel zeggen dat het personeel van zowel regiotaxi als ambulance altijd uiterst correct, buitengewoon vriendelijk en heel bekwaam is. Complimenten!
Toch is het zo dat je als gehandicapte engelengeduld moet hebben en een groot aanpassings- en incasseringsvermogen. Dat geldt voor mij zeker de laatste (bijna) 4 maanden, want zo lang lig ik intussen op bed met een decubituswond (gevolg van doorzitten in min rolstoel) die gelukkig voorspoedig aan het genezen is, maar dat vergt toch tijd. Binnenkort hoop ik ‘gewoon’ weer in mijn rolstoel te zitten en eindelijk weer aan het leven buitenshuis te kunnen deelnemen!

Karin


Gepost door Margriet Visser.

0 Reacties

Reageer

Terug naar overzicht

Welkom!

 

Mijn naam is Margriet Visser, kandidaat voor het CDA Enschede.

Via dit weblog houd ik u op de hoogte!

 

Laatste postings


Archief